Koen
De geschiedenis van een Amsterdamse volksjongen, wiens wederwaardigheden en geestelijke ontwikkeling te midden van een zeer eenvoudig milieu worden geschetst rond 1900. Koen is opgebouwd uit hoofdstukken die afgeronde anekdotes zijn: de weetgierige Koen snuffelend tussen de oude boeken op de markt van het Amstelveld; of die de thermometer laat ontploffen als hij proefondervindelijk de sommen over Celsius en Fahrenheit probeert te doorgronden; of die de portemonnee van Joris de Rijck vindt, maar er heel wat anders in aantreft dan die rijksdaalder zakgeld waarover Joris altijd snoeft .
Er wacht een haven
Jan Goedvolk belandt tegen de zin van zijn vader als bootwerker in de haven van het Amsterdam van 1910. Hij trouwt met de nette dienstbode Geer en verdient maar amper genoeg om haar en de pas geboren tweeling te onderhouden. Dan raakt hij betrokken bij zeelieden- en bootwerkersstaking van 1911. Het is een tijd van tijd van ontwakend maatschappelijk besef en de opkomst van de vakbonden en Jan Goedvolk speelt daarin een centrale rol.
Mensen zonder geld
Het verhaal van Vader Jagtman, de solide ambachtsman en bekwame meubelmaker, die zich tegenover de concurrentie van de grote winkelzaken niet kan handhaven en die al zwoegende het onderspit delft. De Jagtmannen worden wegens huurschuld uit hun huis gezet en verhuizen noodgedwongen naar Zeeburgerdorp, het woonoord voor onmaatschappelijken in Amsterdam-Oost. Als vader iets probeert bij te verdienen, wordt zijn steun ingetrokken. Gezien door de ogen van het pientere en dromerige zoontje – Japie, laat de schrijver het noodlot zich voltrekken.